
Wat nou als ik vandaag wakker word Of morgen misschien En alles wat ik kwam te kort Dan heb in overvloed keer tien Geen muren maar een huis Met Ikea om mee te stoeien Geen inslag maar gewoon een deur Geen muur álweer máár een vesting En geen straatterreur dat onkruid Is. En doet groeien. Ik spreek wél van binnenuit. Ben nogal dakloos, das niet zielig maar stigma vol talent onder rot fruit. En ja, we gisten, gissen erop los. Klucht. Klank. Of klos. Stel nou dat ik wakker word ergens binnen Niet binnenin waar het altijd een zooitje Van zoveel lagen en gemis Geen kastje naar muur en met mn dakloze peren Dakloos zijn belandde ik middenin Ik kon mij niet verweren Zelfs niet politiek gezien of op mn basis ontnomen Van zorgverlener naar Spoken Word De staatslaaf mag zwijgen. Ik immers kén systemen. Ze zijn. Doen. Sturen. Blijven klaar met jou gekomen... Waar? Vanuit mn putten naar Blijdorp moeten kutten Te zelfredzaam gezien... Ik stink. Das een feit der overheid en sociaal domein. Ben ik. Máár dat zegt men en ruik je niet... Stel nou dat ik wakker word ergens binnen Niet binnenin waar het altijd een zooitje ... Huizen vol geen strohalm is Geen kastje naar muur en met mn daklozen - die moeten anticiperen - wil men óns dan leren Dakloos zijn belandde ik middenin.. Ik kon mij niet verweren Toon. Kracht. Macht en stem. Zeg ik dag tegen mijn helpdesk ofwel bureau. Waar vind ik veiligheid en waar kan ik het halen Als zelfs aan het begin van dit verhaal misschien jouw aandacht overslapt, terwijl ik overlopen ken ala loopgraven naar mijn graf. Ik ben uitgewoond. Bekaf. Terwijl jij tussen vier muren huist waarschijnlijk een bed hebt En misschien wel net als ik spreekt in negen talen Waar dan? Zijn wij gelijk nog? Ninety nine luftballon. Leeg. Zorg ik ...of jij... mij voorbij dakloosheid die borgt óf stopt als we de juiste snaren en akkoorden Niet hoeven te verwoorden. En ik dus veiligheid niet langer bezwijm. Want ze is er dan niet opgekropt maar eindelijk Weer eigen (lijk) is... En. Hart. Op. Klopt. Welkom Thuis. ♡

