Song Cover Image

D’n Elfde Wage

V6

De originele tekst in het Limburgs (Kerkraads/Kirchröadsj Dialect): [Intro — dark underground Dialectric atmosphere, distant ventilation drone, slow mine-cart wheels on rails, dry chain clinks, metallic shaft-bell motif, sparse acoustic guitar, subtle electronic pulse] (Ting… ting…) [Verse 1 — Limburgish koempellied storytelling, acoustic guitar, low accordion, warm bass, restrained electronic mine pulse, distant industrial textures] Ier de zon uvver de heuvels sjteet, jeet de sjiech al noa de koel, d’r kómpel dae d’r pungel dreit, kent de sjaat en kent zien doel. Dao ónger kump jee daaglicht aan, alling de lamp deë vuur diech brandt, wiel noa wiel jeet langs de baan, sjwats jood oes Limburgs land. [Pre-Chorus — organic drums enter softly, fiddle answers the vocal, cart-wheel rhythm becomes more defined, subtle male koempel backing murmurs] Eng, tswei, drei en veer, vunf en zes — de wiele klinge, zevve, ach, nung, tseng, en ’t poord blieft alles bringe. [Chorus — full Dialectric koempellied, Limburgian folk-rock guitars, accordion, fiddle, warm flugelhorn, deep synth pulse, broad male responses] (Ting ting) — jenóg is jenóg! (Ting ting) — ’t poord wit ’t nog! Mit tseng wage jeet ’t poord wieër, kump d’n elfde, dan jeet ’t nit mieë. (Ting ting) — jenóg is jenóg! Höb ier vuur wat diech dreit. Weë ummer mieë d’rbij wil laa, vindt ins get wat nit mieë jeet. [Verse 2 — driving folk-rock groove over hypnotic electronic mine pulse, warm bass, acoustic and electric guitar, metallic chain and rail percussion] Mit tseng wage langs de baan, trekt ’t poord ze rustig wieër. Kump d’n elfde d’r nog aan, dan jeet ’t jee stap mieë. De kette klikt — nog inne bie, mer ’t poord blieft rustig sjtoa. D’n elfde hingt noe och d’rbij, mer ’t poord leuft nit van doa. [Pre-Chorus — electric guitar rises, fiddle and flugelhorn answer, drums build, rhythmic cart-wheel texture intensifies] Tseng wage trekt ’t langs de baan, noe hingt d’n elfde achteraan. Mit tseng jeet ’t poord van doa, mit elf blieft ’t rustig sjtoa. [Chorus — full band, strong koempel responses, folk-rock energy with deep Dialectric pulse] (Ting ting) — jenóg is jenóg! (Ting ting) — ’t poord wit ’t nog! Mit tseng wage jeet ’t poord wieër, kump d’n elfde, dan jeet ’t nit mieë. (Ting ting) — jenóg is jenóg! Höb ier vuur wat diech dreit. Weë ummer mieë d’rbij wil laa, vindt ins get wat nit mieë jeet. [Break — chain coupling released, electronic pulse cuts out, eleventh wagon rolls back into underground silence] (Klak) [Ten mine carts begin rolling again, low pulse slowly returns] (Ting… ting…) [Verse 3 — intimate koempel vocal, sparse acoustic guitar, low accordion drone, faint atmospheric synth, distant cart-wheel echoes] En kump ’t sjloes van de sjiech, dan wit ’t poord: noe is ’t tied. ’t Dreit zich um, noa de peeds-sjtaal, de sjiech is noe jedoa. ’t Wit wienieë de last jenóg is, ’t wit wienieë zien wirk is jedoa. Tseng wage trekt ’t durch de koel — mer inne mieë? Dan blieft ’t sjtoa. [Bridge — half-time drums, deep Dialectric bass pulse, expressive fiddle, euphonium and flugelhorn, spacious mine ambience, restrained male humming] Höbs doe och zoene elfde wage, inne last dae niemand zeet? Nog ing sjtond, nog mieë te drage, nog get mieë — bis niks mieë jeet? Wat vroage vier van miensj en dier? Wie vöal kan eëd verdrage? Missjiens mósse vier ins lieëre d’n elfde nit te drage. [Break — all instruments and pulse stop, only shaft bell and underground ventilation remain] (Ting ting.) [Quiet Hook — solitary vocal, faint accordion drone, soft synth atmosphere, distant fiddle harmony] Jenóg… is jenóg. [Final Chorus — huge organic Dialectric folk-rock climax, full Limburgian koempellied band, driving electronic mine pulse, acoustic and electric guitars, accordion, soaring fiddle, warm flugelhorn and euphonium, strong male koempel backing vocals] (Ting ting) — jenóg is jenóg! (Ting ting) — ’t poord wit ’t nog! Mit tseng wage jeet ’t poord wieër, kump d’n elfde, dan jeet ’t nit mieë. (Ting ting) — jenóg is jenóg! Vuur d’r miensj, ’t dier en de jrónk. Nit alles mós ummer mieë — soms is sjtoa al sjterk jenóg. [Final Refrain — hypnotic Dialectric pulse, driving guitars, fiddle, restrained brass, rhythmic chain percussion, broad koempel responses] (Ting ting) — jenóg is jenóg! (Ting ting) — jenóg is jenóg! Tseng is tseng — loat ’t doa bie, d’n elfde blieft nit langer d’rbij. (Ting ting) — jenóg is jenóg! [Outro — electronic pulse and instruments fall away one by one, cart wheels gradually slow, accordion and ventilation drone remain] Eng… tswei… drei… veer… vunf… zes… zevve… ach… nung… tseng. [One dry chain coupling clank] (Klak) [Complete underground silence] (Ting… ting…) [Whispered over fading ventilation drone] Jenóg is jenóg. ------------------------------------------------- De vertaling in het Nederlands: De Elfde Wagen [Intro] [Verse 1] Voordat de zon boven de heuvels staat, gaat de dienst al naar de mijn, de mijnwerker die zijn pungel draagt, kent de schacht en kent zijn doel. Daaronder komt geen daglicht binnen, alleen de lamp die voor je brandt, wiel na wiel gaat langs de baan, zwart goud uit Limburgs land. [Pre-Chorus] Eén, twee, drie en vier, vijf en zes — de wielen klinken, zeven, acht, negen, tien, en het paard blijft alles brengen. [Chorus] Genoeg is genoeg! Het paard weet het nog! Met tien wagens gaat het paard verder, komt de elfde, dan gaat het niet meer. Genoeg is genoeg! Heb eerbied voor wat jou draagt. Wie er altijd meer bij wil laden, vindt eens iets wat niet meer verdergaat. [Verse 2] Met tien wagens langs de baan, trekt het paard ze rustig verder. Komt de elfde er nog bij, dan zet het geen stap meer. De ketting klikt — nog eentje erbij, maar het paard blijft rustig staan. De elfde hangt er nu ook achter, maar het paard loopt niet van zijn plaats. [Pre-Chorus] Tien wagens trekt het langs de baan, nu hangt de elfde achteraan. Met tien gaat het paard ervandoor, met elf blijft het rustig staan. [Chorus] Genoeg is genoeg! Het paard weet het nog! Met tien wagens gaat het paard verder, komt de elfde, dan gaat het niet meer. Genoeg is genoeg! Heb eerbied voor wat jou draagt. Wie er altijd meer bij wil laden, vindt eens iets wat niet meer verdergaat. [Break] [Verse 3] En komt het einde van de dienst, dan weet het paard: nu is het tijd. Het draait zich om, naar de paardenstal, de dienst is nu gedaan. Het weet wanneer de last genoeg is, het weet wanneer zijn werk gedaan is. Tien wagens trekt het door de mijn — maar eentje meer? Dan blijft het staan. [Bridge] Heb jij ook zo’n elfde wagen, een last die niemand ziet? Nog één uur, nog meer te dragen, nog wat meer — tot niets meer gaat? Wat vragen wij van mens en dier? Hoeveel kan de aarde verdragen? Misschien moeten wij eens leren die elfde niet te dragen. [Break] [Quiet Hook] Genoeg… is genoeg. [Final Chorus] Genoeg is genoeg! Het paard weet het nog! Met tien wagens gaat het paard verder, komt de elfde, dan gaat het niet meer. Genoeg is genoeg! Voor de mens, het dier en de grond. Niet alles hoeft altijd meer — soms is blijven staan al sterk genoeg. [Final Refrain] Genoeg is genoeg! Genoeg is genoeg! Tien is tien — laat het daarbij, de elfde blijft niet langer erbij. Genoeg is genoeg! [Outro] Eén… twee… drie… vier… vijf… zes… zeven… acht… negen… tien. [Silence] [Whispered] Genoeg is genoeg.