De hemel verkondigt Uw glorie, de sterren fluisteren Uw naam, de zon staat op in stille aanbidding, de maan weerspiegelt wat U bent. De zeeën klappen in hun diepte, de bergen heffen lof omhoog, heel de schepping draagt een echo: “Onze God is heilig hoog.” De wind gehoorzaamt aan Uw spreken, de regen valt op Uw bevel, de aarde ademt door Uw goedheid, want U bent Immanuël. Geen kunstenaar als onze Maker, geen kracht zo zuiver, groot en vrij, geen wijsheid die Uw plan kan meten, geen liefde die zo diep gaat als die van U voor mij. En als de aarde zingen kan, waarom zou ik dan zwijgen? Mijn hart zal roepen, mijn mond belijden: Jezus leeft en Hij regeert. Groot is Uw naam, hoog boven alles, Koning der eer, Heer van het heelal. Wij heffen op een lied van aanbidding, want U alleen bent heilig, heilig. Waar mensen komen en verdwijnen, blijft Uw troon voor eeuwig staan, waar koninkrijken opstaan, breken, blijft Uw waarheid voortbestaan. Geen tijd kan ooit Uw trouw beperken, geen nacht Uw heerlijkheid bedekken, want van eeuwigheid tot eeuwigheid zult U de lof van volken wekken. En als de aarde zingen kan, waarom zou ik dan zwijgen? Mijn hart zal roepen, mijn mond belijden: Jezus leeft en Hij regeert. Groot is Uw naam, hoog boven alles, Koning der eer, Heer van het heelal. Wij heffen op een lied van aanbidding, want U alleen bent heilig, heilig. Heilig, heilig, heilig is de Heer, de Almachtige, de Eeuwige, de Eerste en de Laatste. Heilig, heilig, heilig is de Heer, de Schepper van de hemel en de aarde. Laat elk volk, elke stam, elke taal U verhogen, laat elk hart, elke knie, elke stem zich buigen. Want het Lam heeft overwonnen, en de hemel zingt: “Amen.” Groot is Uw naam, hoog boven alles, Koning der eer, Heer van het heelal. Wij heffen op een lied van aanbidding, want U alleen bent heilig, heilig. De hemel verkondigt… de aarde antwoordt… U bent God.