Song Cover Image

Een gebouw zonder dak

V6

[Verse 1] Ik dacht altijd dat muren zeiden hier houdt jouw wereld op, dat alles wat ik met me meedroeg ergens binnen blijven moest. Dus ik leerde tellen, wegen, zoeken waar het fout kon gaan, tot ik op een dag naar boven keek en daar geen plafond zag staan. [Pre-Chorus] Niets werd ineens opgelost, niets verdween met één gebaar. Maar er kwam ruimte tussen mij en alles wat ik dacht dat waar was. [Chorus] Ik leef in een gebouw zonder dak, met muren om me heen, maar lucht daarboven. Ik hoef niet weg, ik hoef niet sterk, ik hoef mezelf vandaag niet te geloven. Laat maar komen, laat maar gaan, niet ieder woord hoeft vast te staan. Soms is één deur op een kier genoeg om weer iets van mezelf te verstaan. Ik leef in een gebouw zonder dak. [Verse 2] Met muziek dicht op mijn oren wordt de wereld langzaam stil. Woorden die ik zelf ooit schreef vragen niets meer van mijn wil. Geen stem die zegt: je moet dit voelen, geen oordeel dat mij verder jaagt. Alleen een zin die even blijft hangen alsof hij zachtjes aan me vraagt: [Pre-Chorus] Kijk hier eens naar, blijf hier even bij. Je hoeft het niet te begrijpen, je hoeft alleen maar hier te zijn. [Chorus] Ik leef in een gebouw zonder dak, met muren om me heen, maar lucht daarboven. Ik hoef niet weg, ik hoef niet sterk, ik hoef mezelf vandaag niet te geloven. Laat maar komen, laat maar gaan, niet ieder woord hoeft vast te staan. Soms is één deur op een kier genoeg om weer iets van mezelf te verstaan. Ik leef in een gebouw zonder dak. [Verse 3] Sommige deuren blijven dicht, andere bewegen heel voorzichtig. Achter één zit oud verdriet, achter één iets wat nog licht geeft. Ik hoef ze niet allemaal te openen, niet vandaag en niet tegelijk. Misschien is helen soms niet verder gaan, maar merken: hier mag ik zijn. [Bridge] Geen wondermiddel. Geen nieuw bestaan. Geen hand die al mijn muren sloopt en zegt dat ik weer verder kan. Alleen wat ruimte. Een deur die wijkt. Een hoofd dat even niet meer oordeelt, een mens die naar zichzelf kijkt. En zegt: Ik ben. Ik ben hier. Dat hoeft vandaag niet meer te zijn. [Final Chorus] Ik leef in een gebouw zonder dak, en boven mij ligt alles nog open. De muren mogen muren zijn, ik hoef er niet meer tegenop te lopen. Ik leer het ritme van mijn dagen, rusten, bewegen, verder gaan. Niet alles hoeft vandaag te lukken, niet elke deur hoeft open te staan. Ik leef in een gebouw zonder dak, met sterren waar ooit grenzen zaten. En misschien is hoop niet dat alles verdwijnt, maar dat er ruimte komt om het los te laten. [Outro] De muren staan. De deur staat op een kier. De hemel is open. En ik ben hier.