
[Couplet 1] Sommigen dragen stilte als een steen diep in hun hart, oude woorden, oude wonden, die nooit helemaal vertrekken uit de nacht. Sommigen kennen afscheid, kennen tranen zonder stem, maar kiezen toch voor zachtheid, keer op keer, opnieuw, telkens weer. [Refrein] Want het licht komt door de barsten, niet door muren zonder pijn. Wat gebroken werd door het leven, kan een bron van liefde zijn. Niet de sterksten zullen blijven, niet wie altijd heeft gewonnen, maar wie vrede wist te zaaien in de harten van de mensen. [Couplet 2] Sommigen worden ouder, en hun lichaam wordt moe, maar hun kompas blijft wijzen naar wat werkelijk ertoe doet. Een luisterend oor in stilte, een hand die zegt: ik ben hier, een woord dat weer verbindt wat brak, een glimlach die de nacht verlicht. [Refrein] Want het licht komt door de barsten, niet door muren zonder pijn. Wat gebroken werd door het leven, kan een bron van liefde zijn. Niet de sterksten zullen blijven, niet wie altijd heeft gewonnen, maar wie vrede wist te zaaien in de harten van de mensen. [Brug] Misschien is dat de zin van alles, niet hoe ver we zijn gegaan, maar hoeveel liefde wij hebben achtergelaten wanneer wij verder moeten gaan. Niet hoeveel dromen wij bezaten, niet hoeveel rijkdom wij vergaarden, maar hoeveel mensen zich gezien voelden omdat wij naast hen stonden. [Laatste refrein] Want het licht komt door de barsten, en dat licht verdwijnt niet meer. Het blijft leven in herinneringen, in een woord, een lach, een keer. En zolang wij liefde delen, zoals zij ons heeft voorgedaan, blijft haar zachte stem nog fluisteren: “Breng vrede waar je kunt, en blijf een goed mens van binnenuit.” [Outro] Zacht en klein, zoals een zaadje in de grond, groeit de liefde verder lang nadat wij zijn verstomd. Zacht en klein, maar sterker dan de tijd. Dat is wat blijft.

