
1. HEER, laat uw boosheid varen, wil mij uw straf besparen en mij genadig zijn. Ik zit hier te verkwijnen; mijn moed en kracht verdwijnen in diepe angst en pijn. 2. Hoelang laat U mij lijden? Keer om, kom mij bevrijden; toon mij uw liefde, HEER. God, er is haast geboden; verlos mij, want een dode bezingt uw naam niet meer. 3. Moe ben ik van mijn klachten; ik maak in lange nachten mijn bed met tranen nat. Gezwollen zijn mijn ogen. Mijn krachten zijn vervlogen; ik voel mij afgemat. 4. Ga weg van mij, rebellen, en allen die mij kwellen met onrecht en geweld. De HEER verhoort mijn smeken. Hij zal je hoogmoed breken: je dagen zijn geteld.

