
Veroniek Veroniek neemt me mee, op reis door haar gedachten. Over bergen, over zee, door tunnels en door grachten. En ze kent de mooiste plekken, die je in geen reisgids zult vinden. En we gaan naar verre landen. Waar nog nooit een mens geweest is. Naar mooie steden, witte stranden. Waar het klimaat op z’n allerbest is. En net als het op z’n allermooist is, zet ze me rustig, maar vastberaden. In één klap weer op de grond. Maar ik wil nog niet terug. En ik wil nog zo veel verder. Maar dan moet ze stiekem lachen. Ik doen mijn ogen open en ineens is ze dan weg…….. Veroniek neemt me mee, op reis door al haar dromen. Van de plekken heb ik geen idee. Geen ander mens zal er ooit komen. En ze vertelt de mooiste verhalen, die je in geen enkel boek zult vinden. En we zien de blauwste luchten. En ’s nachts schijnen de helderste sterren. Van gevaar hebben we niets te duchten. En we gaan hoe langer hoe verder. En net als het op z’n allermooist is, zet ze me rustig maar vastberaden. In één klap weer op de grond. Maar ik wil nog niet terug. En ik wil nog zo veel verder. Maar dan moet ze stiekem lachen. Ik doen mijn ogen open en ineens is ze dan weg…….. Veroniek neemt me mee, op reis naar de toekomst. Ik vind het helemaal niet oké. Ik wil niet weten wat op ons afkomt. En ze brengt me naar alle plekken, die ik al weet hoe vaak gezien heb. En nog steeds gaat het niet beter. En nog steeds zijn ze aan het vechten. Er wordt geknokt om elke meter. En het gaat alleen maar slechter. En net als het op z’n minst is, zet ze me rustig, maar vast beraden. In één klap weer op de grond. En ik wil niet meer terug. En ik wil nou echt niet verder. Maar dan moet ze stiekem lachen. Ik sla mijn ogen op en ineens is ze dan weg……..

