[Verse 1] Weg kijken van kennis— alsof niet-weten een taak is die je zelf verzint. [Chorus] Weg kijken is de taak geworden, data achter de wet geschoven, ogen dicht, boeken dicht, vertrouwen met verhulling. [Verse 2] Zij wisten het wél, nu heet het “geen bemoe jenis”— de ogen dicht, expres. [Verse 3] Onafhankelijk toetsen, maar liever niet te goed kijken— dat heet dan een taak. [Chorus] Weg kijken is de taak geworden, data achter de wet geschoven, ogen dicht, boeken dicht, vertrouwen met verhulling. [Verse 4] Toevertrouwd, zeggen ze— aan wiens taak was dit dan ooit, behalve die van EU? [Verse 5] Een taak, heet het nu, die om vertrouwen vroeg— vertrouwen in wie? [Chorus] Weg kijken is de taak geworden, data achter de wet geschoven, ogen dicht, boeken dicht, vertrouwen met verhulling. [Bridge] Deels openbaar was ’t, tot de taak plots zwaarder woog— zelfde blaadje, ander gewicht. [Chorus, last, heavier] Wegkijken is de taak geworden, data achter de wet geschoven, ogen dicht, boeken dicht, vertrouwen met verhulling— en niemand die nog kijkt.