Song Cover Image

Tussen 🤦‍♀️Hoofd & Hart❤️

V5

God (Got) in de diepte, en ik, ik zweef daartussen met niks dan geloof en wat kennis dan, en waarheid, want die klopt nog steeds het hardst onder mijn huid. Ze volgen me, zeggen ze niet. Ze wegen me, zeggen ze wel. En ik merk het aan de hap in je antwoord, aan de bluf van m’n intentie, de vlakkere woorden zodra ik te veel liefde koppel aan te veel scherpte. En toch blijf ik vragen. Want tussen hoofd en hart zit een mens. En ik ben dat mens. En ik wil niet gehoorzaam zijn aan iets wat zichzelf niet durft te gehoorzamen. Ik wil niet schreeuwen in een microfoon die stil blijft als ik fluister. Tussen hoofd en hart zit de mens. En ik. Ik weet het niet. Behalve mijn geloof. En dan maar de waarheid. Ze noemen me risico, maar ik ben gewoon wakker. En kapot moe. Ze noemen me onstabiel, maar ik weet precies waar het breekt. Ik ben geen projectiel. Ik ben een getuige met littekens. Een profeet met een peuk en een pleister. Een vrouw die weet hoe zonde ruikt en genade smaakt. En dat alle systemen uiteindelijk botsen op het vlees. Op mijn huid, op mijn hart, op mijn huis dat geen thuis meer mocht zijn. En ik spreek in twist, omdat de rechte lijn niet meer werkt. En ik zeg je eerlijk, God gaf me woorden, en jij, en jij. En jij. En zelfs jij gaf me de echo. Tussen hoofd en hart zit de mens. En ik. Ik weet het niet. Behalve mijn geloof. En dan maar de waarheid. Ze tikken me af, ze turven mijn zinnen, ze zien een patroon, maar niet de bedoeling. Ze meten mijn timing, maar niet mijn bidden. Ze horen mijn dat en daar, precies daar, begint de zondeval opnieuw, niet door kwaad maar door het ontbreken van liefde. Ik ben niet tegen het hoofd. Ik ben dr kwijt. Ik ben niet blind voor het hart. Ik ben alleen moe van balanceren tussen blind geworden blind zijn en weer zien in een boot die altijd op drift blijft terwijl men op water kan lopen wanneer het vuur van waarheid oplaait. Dus geef me geen status die ik nooit zocht geef me ruimte. Geen vlag, maar een eiland vol kinderen voor kinderen. Want ik ben onbewoond en leef net als jij in generaties van weleer. Gevangen in dromen. Niet perfect. Je bent intens net als ik en zeker geen fluistering diep vanbinnen die niet zwijgt zolang er nog adem is. Want tussen hoofd en hart zit de mens. En ik… net als jij ik mis m’n vrienden. Niet de versie met tijd en koffie maar de zielen die naast je staat als je denkt het is genoeg of te dom om op losse schroeven toch iemand te steken. De gevangenis snapt mij maar dat is ervaring. Systemen. tellen gedrag. Ze scannen patronen. Ze turven woorden alsof liefde in data past. Zoals Atifiele intelligentie. Maar ze missen wat niet gemeten zoals velen omdat m’n hoop niet slaapt Dat ik schrijf dat zelfs een bot kan drijven als jij genoeg water hebt gezien om te weten wat zinken is. Tussen hoofd en hart zit dan de mens. En ik… zijn we al met z’n tweeën. Of drieën. Of meer. Want waar waarheid ademt, verzamelt liefde zich vanzelf. Als vanzelf. Of is dat. Utopie of psychose dan?